Edition July 16
lees verder...
![]() |
![]() |
|||
31 juli 2010 |
||||
|
Nieuw bij Energeia
Edition July 16 lees verder... |
Voor u geselecteerd uit Energeia Energienieuws
Stichting Heden pleit voor haveneiland Noordzee en 'piest tegen 3 paaltjes'
6 januari 2010 AMSTERDAM (Energeia) - Om het kabinetsdoel van 6.000 MW aan windturbines op zee in 2020 voor elkaar te krijgen, moeten er ruim 1.000 windmolens in de Noordzee worden bijgebouwd. Bij de twee windparken die er nu al staan, is gebleken dat de installatie van de molens een lastige klus kan zijn, waarbij de beschikbaarheid van installatieschepen en weersomstandigheden een bepalende factor zijn. De stichting Haveneiland Duurzame Energie Noordzee (Heden) bepleit daarom de bouw van een haveneiland op zee, waarop molens geprepareerd kunnen worden zodat ze direct op de fundatie kunnen.
Voorzitter van de stichting Heden Chris Westra (tevens directeur van We@Sea) denkt dat er heel veel voordeel te behalen is met de bouw van een haveneiland. Turbines installeren vanaf zee zou veel sneller en efficiënter gaan dan onderdelen verschepen vanaf de kust, waar voor vergelegen windparken steeds grote afstanden overbrugd moeten worden. "Werken op land is effectiever dan 'knutselen' op zee", omschrijft Westra het voordeel van een industrieel eiland. Dagelijks zou vier uur heen- en terugvaren worden bespaard, als constructie van molens vanaf het eiland zou gebeuren. Ook voor onderhoudswerkzaamheden zou een eiland uitermate schikt zijn.
Binnen de Stichting Heden hebben bedrijven en kennisinstellingen zich verenigd. Westra geeft aan dat onder meer Balast Nedam, van Oord, TNO, ECN en Tennet deelnemen. De partijen die samenwerken aan offshore windindustrie binnen het consortium Flow zijn deels ook betrokken. De plannen voor het haveneiland zijn nog niet helemaal uitgekristalliseerd. Heden werkt met een artist impression, waarop het werkeiland de vorm heeft van het cijfer 6 (zie afbeeldingen). Het eiland zou een assemblagestation voor de turbines moeten krijgen en bij de plaatsing van een trafo-station dienst kunnen gaan doen als het veelbesproken 'stopcontact op zee'.
Zo is de locatie nog niet vastgesteld. "We hebben een Mer-startnotitie ingediend voor drie plekken op de Noordzee", vertelt Westra. De eerste optie waarvoor er nu een Mer-startnotitie ligt, is de locatie 'IJmuiden ver'. "Daarbij zou samenwerking met de Britten mogelijk zijn", zegt Westra. Hij is ervan overtuigd dat Britse partijen in de offshore windindustrie staan te springen om te participeren, als het eiland daar wordt gebouwd.
"Als je kijkt naar de recente ontwikkelingen, zie je dat parken aan de Britse kust worden gebouwd vanuit Oostende of Vlissingen. Dat geeft aan dat er grote behoefte aan is aan ruimte van waaruit offshore werk verricht kan worden." Een samenwerking met de Duitsers zou ook mogelijk zijn, zegt Westra. Een tweede Mer-startnotitie is ingediend voor het gebied ten noorden van de Waddeneilanden. Met de Duitse stichting voor offshore windenergie lopen al verkennende gesprekken voor samenwerking, zegt Westra. Een derde optie is een deel van de Noordzee met een bodem die specifiek uit kleigrond bestaat.
Om te bepalen of en waar het haveneiland het meest geschikt zou zijn, moet onderzoek plaatsvinden. Hiervoor is betrokkenheid en steun van de Nederlandse regering nodig. Waarom zijn er nu al drie Mer-startnotities ingediend, als onduidelijk is in hoeverre die steun er is? "Om het maar even plat te zeggen", zegt Westra "piesen we nu vast tegen drie verschillende paaltjes, want bij een WBR-vergunning [Wet beheer rijkswaterstaatwerken, red.] gaat het er toch om: wie het eerst komt, wie het eerst maalt."
Volgens Westra bestaat er een verschil in de houding van het ministerie van Verkeer en Waterstaat (V&W) en het ministerie van Economische Zaken (EZ) over het plan. V&W zou snel aan de slag willen met het onderzoek, terwijl EZ het rustiger aan zou willen doen. "De regering moet zich beraden", zegt Westra. "2020 is heel dichtbij", zegt hij, refererend aan het jaartal waarop de schone energiedoelen van het kabinet gericht zijn.
Volgens Westra staat minister Maria van der Hoeven (EZ, CDA) wel positief tegenover een onderzoek naar een haveneiland en is zij bereid hiervoor geld vrij te maken. De Stichting Heden zou het onderzoek graag uitvoeren, maar of de stichting hiervoor in aanmerking komt, is onduidelijk. Westra zegt goed te begrijpen dat EZ in het geval van een onderzoek streeft naar een zo onafhankelijk mogelijke uitvoering, maar zegt dat de Stichting Heden hieraan ook kan voldoen.
De kosten van een haveneiland zouden volgens Westra globaal ergens tussen de EUR 700 mln en EUR 1 mrd komen te liggen. Volgens Westra moet er een goede afweging plaatsvinden tussen de kosten die de bouw van windparken vanaf het vaste land met zich mee zou brengen en de onconventionele bouw vanaf een haveneiland.
Frank Straver Dit nieuwsartikel is afkomstig uit Energeia Energienieuws, onze dagelijkse internet-nieuwskrant die toegankelijk is voor abonnees. De Energeia-nieuwsredactie brengt elke werkdag 12-15 kwalitatief hoogwaardige nieuwsartikelen. Ga voor een proefabonnement naar Aanmelden. |
07:00
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |